Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet ik een endoscopische controle van mijn Barrett slokdarm ondergaan? » Ik heb een Barrett slokdarm, hoe groot is nu mijn risico op slokdarmkanker? » Is een Barrett slokdarm erfelijk? » Is er iets wat ik kan doen om te voorkómen dat er kanker ontstaat in mijn Barrett slokdarm? » Wanneer wordt endoscopische resectie toegepast? » Wanneer wordt radiofrequente ablatie toegepast? » Ik heb een Barrett slokdarm en ik moet van mijn arts zuurremmende medicijnen gebruiken. Ik heb echter geen last van zuurbranden. Is dit wel nodig? » Ik heb een Barrett slokdarm, moet ik nu bij een Barrett Expert Centrum onder controle komen? » Zijn er dieetvoorschriften waar patiënten met een Barrett slokdarm zich aan dienen te houden? » Ik heb slokdarmkanker en moet een operatie ondergaan van mijn slokdarm, kan ik geen endoscopische behandeling ondergaan? »

Dit is afhankelijk de lengte van het Barrettslijmvlies en van de uitslag van het weefselonderzoek van de laatste scopie. Patiënten met een Barrett slokdarm korter dan 1cm hoeven volgens de richtlijn niet meer gecontroleerd te worden. Patiënten met een Barrettslokdarm zonder onrustige cellen (geen dysplasie) worden geadviseerd elke drie tot vijf jaar een endoscopie te ondergaan. Onrustige cellen in de Barrettslokdarm is een reden voor verwijzing naar één van de expertcentra.


Het risico op het krijgen van  slokdarmkanker in een Barrettslokdarm is heel klein. Het risico wordt geschat op 0,5% per patiënt met een Barrettslokdarm per jaar. Het risico is echter nog steeds meer dan 50 maal hoger dan dat van patiënten zonder een Barrett slokdarm. Dit is de reden waarom regelmatige endoscopische controles met afname van biopten wordt geadviseerd om kanker in een vroeg stadium te ontdekken.

Er zijn inderdaad families waarbij meer dan één familielid een Barrett slokdarm blijkt te hebben. Bij de meeste mensen met een Barrett slokdarm is echter niet bekend dat zij deze afwijking hebben en om deze reden kunnen er veel meer van dit soort families bestaan zonder dat wij hiervan weten. Iedereen die regelmatig last heeft van klachten van zuurbranden en die een familielid heeft met een Barrett slokdarm of met slokdarmkanker, wordt geadviseerd hun slokdarm endoscopisch te laten onderzoeken om te zien of zij ook een Barrett slokdarm hebben.

Er zijn nog geen therapieën bekend die het risico op het ontwikkelen van kanker in een Barrett slokdarm doen verminderen, behoudens natuurlijk een chirurgische verwijdering van de slokdarm. Zuurremmende medicijnen en ook anti-reflux operaties kunnen de symptomen van zuurbranden goed behandelen, maar leiden niet tot het verdwijnen van de Barrett slokdarm of tot het voorkómen van kanker in de Barrett slokdarm. Gelukkig ontwikkelen de meeste patiënten met een Barrett slokdarm nooit slokdarmkanker. Het huidige advies is dan ook om de klachten van zuurbranden met medicijnen (of een operatie) te behandelen en vervolgens de slokdarm te controleren op het ontstaan van slokdarmkanker. Omdat roken het risico op het ontwikkelen van slokdarmkanker (maar ook op andere vormen van kanker) vergroot, wordt geadviseerd dat u stopt met roken. Gewichtsreductie (bij patiënten met overgewicht) en een dieet met veel vers fruit en groente en beperkt in vet kan mogelijk ook uw kanker risico verminderen, doch dit is niet bewezen.

Endoscopische resectie wordt toegepast bij patiënten met zichtbaar afwijkend slijmvlies in hun Barrett slokdarm wat verdacht is voor slokdarmkanker. Bij deze behandeling wordt een oppervlakkig stukje slijmvlies via de endoscoop verwijderd. Endoscopische resectie is om deze reden alleen een geschikte behandeling bij vroege vormen van slokdarmkanker. Na de endoscopische resectie worden de weefselstukjes die zijn verwijderd opgestuurd naar de patholoog voor beoordeling onder de microscoop.

Er zijn grofweg drie patiëntencategorieën waarbij radiofrequente ablatie wordt toegepast:
1. Patiënten die een endoscopische resectie hebben gehad van een vroege vorm van kanker kunnen aanvullend behandeld worden met radiofrequente ablatie om al het Barrett slijmvlies, en zo het risico op opnieuw slokdarmkanker, te verwijderen.
2. Patiënten met ernstig onrustige cellen (hooggradige dysplasie) in een Barrett slokdarm zonder zichtbaar afwijkend slijmvlies kunnen worden behandeld met radiofrequente ablatie. Het doel van deze behandeling is verwijdering van de onrustige cellen en het Barrett slijmvlies.
3. Patiënten met licht onrustige cellen (laaggradige dysplasie) in een Barrett slokdarm, bevestigd door een expert patholoog, kunnen worden behandeld met radiofrequente ablatie. Het doel van deze behandeling is verwijdering van de onrustige cellen en het Barrett slijmvlies en zo het voorkomen van de ontwikkeling van kanker.
Radiofrequente ablatie bij patiënten zonder onrustige cellen vindt op dit moment in principe niet plaats.

Ja, zeker. Sommige mensen met een Barrett slokdarm voelen niet meer dat er zure terugstroming plaatsvindt. We denken dat het Barrett slijmvlies ze tegen deze klachten beschermt. Ook al hebt u op dit moment geen last van zuurbranden is het zeker nodig om zuurremmende medicijnen te gebruiken. Het Barrett slijmvlies is ontstaan door irritatie van de slokdarm door terugstroming van zuur, wat weer veroorzaakt wordt door een verminderde afsluitfunctie vanuit de maag. Om te voorkomen dat de slokdarm steeds weer geïrriteerd wordt door het zuur vanuit de maag moet u zuurremmende medicijnen gebruiken. Terugstroming kan dan nog steeds plaatsvinden maar is dan in elk geval niet meer zuur.

Nee, dit is niet nodig. Endoscopische controle van uw Barrett slokdarm kan heel goed plaatsvinden in ieder ander ziekenhuis. Alleen in het geval van een lange Barrett slokdarm (> 10cm) wordt controle in een Barrett Expert Centrum geadviseerd. Ook wanneer dysplasie of een vroege vorm van kanker wordt ontdekt kunt u worden verwezen naar een Barrett Expert Centrum voor verdere begeleiding en/of behandeling. Wanneer de behandeling is afgerond zult u ook weer terug worden verwezen naar uw eigen ziekenhuis om zo ruimte te creëren voor nieuwe patiënten die behandeld moeten worden.

De dieetvoorschriften voor een Barrett patiënt zijn hetzelfde als die van de patiënt met refluxklachten zonder een Barrett slokdarm. Patiënten met refluxklachten dienen bij voorkeur een vetarm dieet te gebruiken en levensmiddelen te vermijden waarvan zij weten dat deze hun klachten van zuurbranden verergeren. Voorbeelden van dergelijke levensmiddelen zijn sinaasappelsap, koolzuurhoudende dranken, chocola en pepermunt. Het belangrijkste is echter dat u uw zuurremmende medicijnen strikt gebruikt.

Endoscopische behandeling is voor een zeer kleine groep patiënten met slokdarmkanker geschikt. Een endoscopische behandeling is namelijk alleen toereikend bij hele vroege vormen van slokdarmkanker die zich beperken tot de bovenste lagen van het slokdarmslijmvlies en nog geen uitzaaiingen hebben veroorzaakt. Deze vormen van slokdarmkanker worden meestal bij toeval of tijdens een controle van de Barrett slokdarm ontdekt. Uw maag-darm-leverarts kan goed inschatten of endoscopische behandeling toereikend is en kan u dan indien nodig doorverwijzen naar een Barrett Expert Centrum.